ECLI:NL:RBMNE:2017:4148
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.B. Eigeman
- H. Vegter
- P.K. Oosterling-van der Maarel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen valsheid in geschrifte en oplichting met valse factuur
De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor medeplegen van valsheid in geschrifte en oplichting. Verdachte en mededaders wisten bedrijf 1 en 2 te misleiden door zich voor te doen als medewerkers van een leverancier, gebruikmakend van een valse naam, valse hoedanigheid, listige kunstgrepen en een samenweefsel van verdichtsels. Hierdoor werd een bedrag van ongeveer 1,8 miljoen euro overgemaakt op een rekening die via verdachte en zijn familie werd beheerd.
De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van betrokkenen, bankgegevens, facturen en correspondentie. De valse factuur, opgemaakt door de vrouw van verdachte, was bedoeld als bewijsstuk om de betaling te rechtvaardigen, terwijl bedrijf 1 nooit zaken had gedaan met de eenmanszaak die de factuur uitgaf. Verdachte gaf toe opdracht te hebben gegeven voor het opmaken en versturen van de factuur.
De rechtbank verwierp de verklaring van verdachte dat er een daadwerkelijke vordering bestond en achtte de valsheid en oplichting wettig en overtuigend bewezen. Gelet op de ernst van de feiten, de omvang van het bedrag en het vertrouwensschade in het financieel verkeer, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 15 maanden op, iets lager dan de door het OM gevorderde 18 maanden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van oplichting en valsheid in geschrifte.