ECLI:NL:RBMNE:2017:3024
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- V.M.A. Sinnige
- R.C.J. Hamming
- P.K. Oosterling-van der Maarel
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke beëindiging van dwangverpleging na TBS-maatregel
Betrokkene is sinds 2012 ter beschikking gesteld met een bevel tot verpleging van overheidswege (TBS). Na een verlenging van deze maatregel in maart 2017 heeft de rechtbank de mogelijkheid van een voorwaardelijke beëindiging nader onderzocht.
De reclassering adviseerde op basis van een rapport van mei 2017 om de dwangverpleging voorwaardelijk te beëindigen, mits betrokkene zich houdt aan strikte voorwaarden zoals gebiedsverboden, toezicht, en het naleven van gedragsregels. De kliniek had wel bezwaren over de wijze van resocialisatie, en de officier van justitie verzette zich tegen de beëindiging vanwege een recent incident en het beperkte verlof.
De verdediging steunde het advies van de reclassering, met enkele kanttekeningen over voorwaarden zoals een time-outplaatsing en gebiedsverbod. De rechtbank oordeelde dat de dwangverpleging voorwaardelijk kan worden beëindigd onder de voorwaarden van de reclassering, met aanpassingen zoals het opnemen van een gebiedsverbod in de woonplaats van betrokkene en het weglaten van de time-outplaatsing als voorwaarde.
De rechtbank legde 15 specifieke voorwaarden op, waaronder medewerking aan toezicht, verbod op strafbare feiten, verblijf op een vast adres, en begeleiding door reclassering en forensische instellingen. De reclassering krijgt opdracht om toezicht te houden en betrokkene te begeleiden. Deze beslissing werd uitgesproken op 16 juni 2017 door drie rechters van de rechtbank Midden-Nederland.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de dwangverpleging voorwaardelijk onder strikte voorwaarden en legt toezicht op aan de reclassering.