Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
( [postcode] ) [woonplaats] , aan de [adres] ,
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
[aangeefster] te verkrachten;
[aangeefster] van het leven te beroven dan wel zwaar lichamelijk letsel toe te brengen;
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
20 januari 2017, waaruit blijkt dat verdachte eerder voor gewelddadige delicten en in 2007 voor verkrachting is veroordeeld.
18 maandenmet aftrek van het ondergane voorarrest passend is.
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
[aangeefster]heeft een schadevergoeding gevorderd van € 2.500,00 aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
[aangeefster] ,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van de hiervoor onder 1 en 2 subsidiair bewezen geachte feiten rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 2.500,00 (tweeduizendenvijfhonderd euro) aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 september 2016 tot aan de dag der algehele voldoening. De vordering kan dan ook tot dat bedrag worden toegewezen.
10.Tenuitvoerlegging voorwaardelijke veroordeling
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
-Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar.
18 maanden.
-Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.
- De rechtbank stelt bij die terbeschikkingstelling de volgende voorwaarden dat:
Wijst de GGZ Reclassering Inforsa Amsterdam aan als instelling om de terbeschikkinggestelde hulp en steun te verlenen bij de naleving van die voorwaarden en geeft voornoemde instelling daartoe opdracht.
[aangeefster]toe tot € 2.500,00 (tweeduizendenvijfhonderd euro) aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 september 2016 tot aan de dag der algehele voldoening.
-Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.
-Legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [aangeefster] aan de Staat
-Bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen.