Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
ten aanzien van 16/705793-16op het standpunt gesteld dat de gegevensdragers van de verhoren van verdachte en aangeefster aan hem verstrekt (hadden) moeten worden. In artikel 137 van Pro het Wetboek van Strafvordering staat immers dat alle gegevensdragers processtukken zijn. De verdediging heeft zich ook op het standpunt gesteld dat de officier van justitie en politie onvoldoende de mogelijkheden tot bemiddeling ex artikel 51h van het Wetboek van Strafvordering hebben benut/bevorderd. Bovendien had de rechtbank ook de mogelijkheden voor bemiddeling moeten onderzoeken. Nu de raadsman de gegevensdragers niet verstrekt heeft gekregen en de mogelijkheden tot bemiddeling niet zijn benut/bevorderd is geen sprake geweest van een eerlijk proces gelet op artikel 40 van Pro het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK), artikel 6 van Pro het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) en de artikelen 9 en 14 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (BUPO).
4.Waardering van het bewijs
- een pas van de Rabobank
- een pas van de ABN AMRO.
- het proces-verbaal van verhoor meerderjarige verdachte, proces-verbaal nr. PL0900-2016096795-8, doorgenummerde pagina’s 10 - 13 van het proces-verbaal met nr. PL0900-2016096795;
- het proces-verbaal van bevindingen, proces-verbaal nr. PL0900-2016096795-7, doorgenummerde pagina 1 van het proces-verbaal met nr. PL0900-2016096795;
- het proces-verbaal van bevindingen, proces-verbaal nr. PL0900-2016096795-2, doorgenummerde pagina’s 4 - 5 van het proces-verbaal met nr. PL0900-2016096795.
- het proces-verbaal van bevindingen, proces-verbaal nr. PL0900-2016019583-6, doorgenummerde pagina’s 11 - 12 van het proces-verbaal met nr. PL0900-2016019583;
- het proces-verbaal van verhoor minderjarige verdachte, proces-verbaal nr. PL0900-2016019583-14, doorgenummerde pagina’s 20 - 24 van het proces-verbaal met nr. PL0900-2016019583.
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9 maandenmet aftrek van voorarrest passend is. De rechtbank legt, mede gelet op hetgeen de heer [B] ter terechtzitting heeft verklaard, daaraan aansluitend een maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige op voor de duur van 12 maanden, zoals hierna omschreven, indien niet of niet naar behoren verricht te vervangen door jeugddetentie voor de duur van 9 maanden. De ernst van de begane misdrijven geeft hiertoe aanleiding en de maatregel is in het belang van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte. Een dadelijke uitvoerbaarverklaring wordt niet opgelegd, omdat de verdachte eerst de detentie zal moeten uitzitten voordat de GBM een aanvang neemt.
9.Het beslag
10.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
[slachtoffer 1], levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op.
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
- Verklaart dat verdachte het bij parketnummer 16/068081-16 tenlastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.
- Verklaart dat verdachte het bij parketnummer 16/012736-16 onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.
- Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar.
Verklaart verdachte daarvoor strafbaar.
9 maanden.
- Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.
2) het ITB-plus traject voor de duur van 12 maanden, waarbij de controle kan worden uitgevoerd door middel van elektronisch toezicht. Indien het ITB-plus traject eerder wordt beëindigd dient het NPT- traject dit op te volgen;
3) een behandeling bij de Waag of een soortgelijke instelling, inhoudende behandeling voor rouwverwerking, behandeling voor seksueel grensoverschrijdend en agressief gedrag en systeembehandeling;
5) een behandeling bij Victas voor zijn middelenmisbruik, tenzij de reclassering dit niet meer noodzakelijk acht;
7) een contactverbod voor de duur van één jaar, inhoudende dat verdachte op geen enkele wijze – direct of indirect – contact mag opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 1] ;
8) een locatieverbod voor de duur van één jaar, inhoudende dat verdachte zich gedurende deze termijn niet mag bevinden op de [straatnaam] , de [straatnaam] , de [straatnaam] , de [straatnaam] en de [straatnaam] te Utrecht, waarbij de controle op het locatieverbod kan worden uitgevoerd door middel van elektronisch toezicht. Tenzij de reclassering dit niet meer noodzakelijk acht.
9) een locatiegebod, inhoudende dat verdachte zich gedurende de looptijd van de toezichtperiode dient te bevinden op de [adres] te [woonplaats] . Daarbij heeft hij een aaneengesloten blok van 12 respectievelijk 15 uur ter invulling van zijn activiteiten (sport, hobby’s, school, werk, behandeling) zoals met de jeugdreclassering afgesproken, Waarbij de controle op het locatiegebod kan worden uitgevoerd door middel van elektronisch toezicht. Tenzij de reclassering dit niet meer noodzakelijk acht.
-Veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer 1] voornoemd.
-Veroordeelt verdachte voorts in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil.
-Legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat
-Bepaalt dat, indien en voor zover verdachte aan een van genoemde betalingsverplichtingen heeft voldaan, daarmee de andere is vervallen.