Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
het strafdossier onder parketnummer 16/711974-10, waaruit blijkt dat veroordeelde op 12 juli 2016 door deze rechtbank is veroordeeld tot de in die uitspraak vermelde straf ter zake van de volgende strafbare feiten:
1 en 2:
€ 342.492,32 (€ 300.000,00 (aanschaf race-auto’s) + € 11.000,00 (pinbetaling) +
€ 10.350,00 (huurbetaling) + € 1.052,82 (vliegtickets) + € 17.650,00 ( [bedrijf 1] ) +
€ 24.349,50 ( [bedrijf 2] ) ;
het Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel van 30 mei 2013, pagina 1449-1453, opgenomen in ordner 4/4 van het strafdossier (hierna: het rapport);
het proces-verbaal van de terechtzitting van 28 juni 2016.
2.Het wederrechtelijk verkregen voordeel
71.744,00
1.464.913,86
€ 193.477,50 met de privé-uitgaven ter hoogte van € 90.878,61. Dit levert het totaalbedrag op van € 284.356,11.
3.De beslissing
€284.356,11 ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.