De rechtbank Midden-Nederland heeft op 7 juni 2016 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, geboren in 1995, die werd verdacht van meerdere inbraken en pogingen daartoe in Mijdrecht en Wilnis in 2015.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met anderen op 11 februari 2015 een poging tot woninginbraak heeft gepleegd aan de Saffier te Mijdrecht. Dit betrof het met een breekijzer en schroevendraaier trachten openbreken van een woningdeur met het oogmerk goederen weg te nemen. Verdachte werd vrijgesproken van drie andere tenlastegelegde inbraken wegens onvoldoende bewijs.
De bewijsvoering bestond uit camerabeelden, werktuigsporenonderzoek, waarnemingen van verbalisanten en verklaringen. De rechtbank verwierp het verweer dat verdachte niets wist van de inbraakpoging en concludeerde dat verdachte medeplichtig was.
Gezien de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is gepleegd en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn jonge leeftijd en het ontbreken van eerdere veroordelingen, werd een werkstraf van 120 uur opgelegd, met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-nakoming.
De rechtbank achtte deze straf passend en rechtvaardig, mede gelet op de overlast en onveiligheidsgevoelens die dergelijke feiten veroorzaken bij slachtoffers en buurtbewoners.