ECLI:NL:RBMNE:2016:2588
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening bij niet-nakoming minnelijke regeling
Verzoeker heeft een minnelijke regeling getroffen met zijn schuldeisers, waaronder Hoist Portfolio Ltd, die 36 maanden duurde vanaf april 2013. Alle betalingen zijn conform het prognosevoorstel voldaan. Kort voor het einde trok Hoist haar instemming in en legde loonbeslag wegens vermeende niet-nakoming.
Verzoeker diende een verzoek voorlopige voorziening in op grond van artikel 287 lid 4 Faillissementswet Pro om het loonbeslag op te schorten, samen met een verzoek dwangakkoord. Tijdens de zitting bleek dat verzoeker niet toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wenste, maar enkel nakoming van de minnelijke regeling.
De rechtbank oordeelt dat artikel 287 lid 4 Fw Pro niet de juiste procedure is voor nakoming van een civielrechtelijke overeenkomst. Verzoeker dient zich tot de civiele rechter te wenden. Omdat er slechts één schuldeiser is, is ook het verzoek dwangakkoord niet ontvankelijk. Daarom worden beide verzoeken afgewezen.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoeken tot voorlopige voorziening en dwangakkoord.