ECLI:NL:RBMNE:2016:2354
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.F. Haeck
- R.C.J. Hamming
- K.G. van de Streek
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs medeplegen poging snelkraak en heling
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 22 april 2016 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van een poging snelkraak en heling van gestolen BMW-auto's en kentekenplaten. De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 13 maanden. De verdediging voerde aan dat er geen bewijs was voor een strafrechtelijk relevante bijdrage van verdachte en dat de aanhouding onrechtmatig was.
De rechtbank stelde vast dat op 12 oktober 2015 een poging inbraak had plaatsgevonden waarbij verdachte aanwezig was en samen met anderen in vluchtauto's zat. Er was echter onvoldoende bewijs dat verdachte een nauwe en bewuste samenwerking had geleverd die vereist is voor medeplegen. Ook was niet vast te stellen dat verdachte wist of redelijkerwijs had moeten weten dat de auto's en kentekenplaten gestolen waren.
Gezien het ontbreken van een intellectuele of materiële bijdrage van voldoende gewicht sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven. De rechtbank volgde hiermee de jurisprudentie van de Hoge Raad over de vereisten voor medeplegen en het bewijs daarvan.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten wegens onvoldoende bewijs van medeplegen.