ECLI:NL:RBMNE:2015:9203
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid bij mishandeling en diefstal
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van betrokkenheid bij mishandeling en diefstal van persoonlijke goederen van het slachtoffer op 22 november 2002 in Hilversum. Het onderzoek startte als cold case na nieuwe DNA-informatie in 2012 en leidde tot aanhoudingen in 2015.
De tenlastelegging betrof het gezamenlijk plegen van geweld tegen het slachtoffer, het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel met de dood tot gevolg, en het wegnemen van goederen zoals een jas, mobiele telefoon en rijbewijs. De officier van justitie vorderde vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor het oogmerk van diefstal en onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij het geweld. De verdediging ontkende elke betrokkenheid en stelde dat er geen sprake was van medeplegen.
De rechtbank oordeelde dat er onvoldoende bewijs was dat verdachte goederen heeft weggenomen of betrokken was bij het geweld. Verklaringen van medeverdachten en getuigen toonden geen nauwe en bewuste samenwerking aan. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De vorderingen van benadeelde partijen werden niet-ontvankelijk verklaard omdat de verdachte werd vrijgesproken.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij mishandeling en diefstal.