Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
€ 11.140,00;
€ € 11.140,00ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Rechtbank Midden-Nederland
Veroordeelde is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld voor medeplegen van het telen van hennep. De ontnemingszaak betreft het vaststellen van het wederrechtelijk verkregen voordeel uit de hennepkwekerij in zijn woning.
De officier van justitie vordert €133.686,72, stellende dat meerdere oogsten hebben plaatsgevonden. Veroordeelde verklaarde slechts één oogst te hebben gehad en een beperkte vergoeding te hebben ontvangen. De rechtbank acht deze verklaring niet aannemelijk vanwege de vervuiling van materialen, gebruikte koolstoffilters en lampen, en meldingen van Meld Misdaad Anoniem die duiden op een langere periode van hennepteelt.
De rechtbank concludeert dat er ten minste drie oogsten zijn geweest, waarvan twee eerdere oogsten vóór de aangetroffen planten van circa zeven weken oud. Veroordeelde had een grotere rol dan hij zelf toegaf, mede gezien zijn verzorging van de planten en betrokkenheid bij het oogsten.
De opbrengst per oogst wordt berekend op circa €18.827,20 bruto, met netto opbrengst na kosten van €16.710,84. De totale netto opbrengst voor twee oogsten wordt geraamd op €33.421,68, verdeeld over drie betrokkenen. Veroordeelde wordt een aandeel van €11.140,- toegerekend dat ontnomen wordt.
De rechtbank legt veroordeelde de verplichting op tot betaling van dit bedrag aan de staat en wijst de ontnemingsvordering dienovereenkomstig toe.
Uitkomst: De rechtbank legt een ontnemingsvordering van €11.140,- op aan veroordeelde wegens medeplegen van hennepteelt met meerdere oogsten.