Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
- “als de mededelingen van vader over het gedrag van [slachtoffer] op het moment van achterlaten bij de oppas overeenkomen met het daadwerkelijke gedrag van [slachtoffer] op dat moment, is het veel (de toevoeging ‘veel’ is ter terechtzitting van 24 maart 2015 door Bilo gegeven) waarschijnlijker dat het incident dat geleid heeft tot de klinische verschijnselen, die aanleiding vormden voor het zoeken van medische hulp, heeft plaatsgevonden na achterlating bij de oppas dan daarvoor.
- als de verklaringen van de oppas en haar dochter over het gedrag van [slachtoffer] op het moment van achterlaten bij de oppas overeenkomen met het daadwerkelijke gedrag van [slachtoffer] op dat moment, kan niet uitgesloten worden dat het incident dat geleid heeft tot de verschijnselen, die aanleiding vormden voor het zoeken van medische hulp, heeft plaatsgevonden vóór achterlating bij de oppas.”
5.Ten aanzien van de benadeelde partij
6.Beslissing
spreekt verdachte daarvan vrij;
benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijkin de vordering, met veroordeling van deze benadeelde partij in de proceskosten door verdachte gemaakt, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.