Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 april 2015 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bussum, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“Als het gaat om een geschikte woning zijn er verschillende manieren van compensatie mogelijk. Het kan mogelijk zijn de woning aan te passen, maar ook kan het mogelijk zijn dat er een andere woning beschikbaar is die geschikt is, of een woning die makkelijker geschikt te maken is. Er moet een afweging worden gemaakt van de diverse mogelijkheden. Uitgangspunt daarbij zijn de persoonlijke behoeften en mogelijkheden van belanghebbende. Aan de andere kant wordt hierbij goed rekening gehouden met de noodzaak om tot een doelmatige besteding van gemeenschapsgelden te komen en het principe van de goedkoopst-compenserende oplossing. (…)
Verhuizing naar een geschikte woning of een makkelijker geschikt te maken woning kan een snelle(re) oplossing bieden dan het aanpassen van een woning. Bovendien komt het voor dat woningen zich niet lenen voor aanpassing. Om tot het te bereiken resultaat te komen wordt er goed onderzoek verricht naar mogelijkheden en alternatieven. Hierbij wordt rekening gehouden met de behoeften en mogelijkheden van belanghebbende. In de afweging wordt meegenomen hoe de behoeften van belanghebbende zich verhouden tot de (financiële) belangen van het college. Wanneer er voorliggende oplossingen/voorzieningen zijn of alternatieve voorzieningen zijn die goedkoper zijn, wordt er eerst beoordeeld in hoeverre deze oplossingen leiden tot het te bereiken resultaat.”
1. Welke woningen in de huidige directe woonomgeving van eiser voldoen aan de voorwaarden waaronder verweerder aan eiser een verhuiskostenvergoeding heeft toegekend en op welke termijn zijn deze beschikbaar?
2. In hoeverre heeft verweerder andere mogelijke oplossingen onderzocht waaronder het op basis van een afspraak toekennen van een financiële vergoeding teneinde eiser in de gelegenheid te stellen om zelfstandig een aanbieder van een traplift te benaderen? Welke voorwaarden zou verweerder aan een dergelijke afspraak verbinden?
De rechtbank bepaalt de termijn waarbinnen verweerder het gebrek kan herstellen op zes weken na verzending van deze tussenuitspraak.