ECLI:NL:RBMNE:2014:5984
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter in omgangsregelingzaak
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. E.J. van Rijssen, rechter in een zaak over wijziging van de omgangsregeling van zijn dochters. Hij stelde objectieve partijdigheid wegens het niet toestaan van geluidsopname van de zitting en vanwege het feit dat de rechter een vrouw is, die volgens hem de rechten van de vader niet erkent.
De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 36 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering en artikel 6 EVRM Pro. Er is een vermoeden van onpartijdigheid van rechters, tenzij uitzonderlijke omstandigheden dit vermoeden weerleggen. De kamer oordeelde dat het niet toestaan van geluidsopname en het geslacht van de rechter onvoldoende gronden vormen voor het aannemen van partijdigheid.
Verzoeker bracht geen feiten of omstandigheden aan die wijzen op daadwerkelijke vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen. De beslissing is in het openbaar uitgesproken en is niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen rechter Van Rijssen wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor partijdigheid.