ECLI:NL:RBMNE:2014:506
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen politierechter wegens vermeende vooringenomenheid
Op 5 december 2013 werd de strafzaak tegen verzoeker behandeld door politierechter mr. Bender. Tijdens deze zitting werd door mr. Visser, advocaat van verzoeker, een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. Bender. Dit verzoek was gebaseerd op de stelling dat de politierechter in een nauw verbonden strafzaak tegen een medeverdachte een oordeel had gegeven over de geloofwaardigheid van die medeverdachte, wat ook de geloofwaardigheid van een significante getuige in de zaak van verzoeker zou raken.
De wrakingskamer heeft het verzoek op 24 januari 2014 openbaar behandeld. Mr. Visser lichtte het verzoek toe, terwijl mr. Bender zich niet kon vinden in de wraking en betwistte dat hij een oordeel had gegeven over de inhoud van verklaringen of geloofwaardigheid. De wrakingskamer heeft beoordeeld dat het oordeel van de politierechter over het ongeloofwaardig achten van een stelling geen bijzondere omstandigheden oplevert die wijzen op vooringenomenheid.
De kamer concludeerde dat de procesbeslissing van de politierechter om bepaalde getuigen niet te horen niet onbegrijpelijk was en dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestond. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen politierechter mr. Bender wordt afgewezen wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.