Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het proces-verbaal van de openbare terechtzitting van de meervoudige kamer op 20 augustus 2014
- de ongedateerde schriftelijke reactie van mr. G.A. Bos, mr. R.P. den Otter en mr. C.S.K. Fung Fen Chung
- de pleitnota van de zijde van verzoeker
- de aantekeningen van de griffier van de behandeling op 9 september 2014.
2.Het wrakingsverzoek
3.De beoordeling
waarvan thans geoordeeld dient te worden dat sprake is van persoonlijke vooringenomenheid van de gewraakte rechters jegens verzoeker. Te onderzoeken staat vervolgens of de aangevoerde of overigens naar voren gekomen omstandigheden, voor zover aannemelijk geworden, niettemin een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het oordeel dat de bij verzoeker dienaangaande bestaande vrees dat de gewraakte rechters jegens hem een vooringenomenheid koesteren - objectief - gerechtvaardigd is.