Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de vrijwillige verschijning van partijen;
- de conclusie van eis;
- de conclusie van antwoord met producties;
- de mondelinge behandeling;
- de pleitnota van [eiseres];
- de pleitnota van [verweerder].
Rechtbank Midden-Nederland
In deze zaak vordert de vuistpandhouder de opheffing van conservatoir beslag op een Porsche waarop zij een vuistpandrecht heeft gevestigd. Het beslag werd gelegd door de wederpartij, die verzuimde het vereiste formulier binnen drie dagen na beslaglegging aan de vuistpandhouder te betekenen, zoals voorgeschreven in artikel 461d en 475 Rv. Hierdoor is het beslag vervallen.
De rechtbank stelt vast dat het beslag onder een derde is gelegd en dat de vuistpandakte rechtsgeldig is. De vuistpandhouder hield de Porsche in haar macht en maakte tijdig bezwaar tegen het beslag. De primaire vorderingen tot opheffing van het beslag worden afgewezen omdat het beslag reeds vervallen is, maar de vordering tot teruggave van de Porsche wordt toegewezen met een termijn van 24 uur.
Daarnaast wordt de beslaglegger veroordeeld om bij een nieuw beslagverzoek een afschrift van dit vonnis te overleggen en worden dwangsommen opgelegd bij niet-naleving. De proceskosten worden aan de beslaglegger opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op de Porsche is vervallen en de beslaglegger is veroordeeld tot teruggave binnen 24 uur met dwangsommen bij niet-naleving.