Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing.
€ 41.616,18.
€ 41.616,18, ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde een ontnemingszaak tegen veroordeelde die op 30 april 2014 werd veroordeeld voor witwassen. De officier van justitie vorderde betaling van het wederrechtelijk verkregen voordeel van €41.616,18.
Het bewijs bestond uit een rapport van een verbalisant waarin werd vastgesteld dat veroordeelde op 5 maart 2012 een bedrag van NLG 91.710,- had omgewisseld in €41.616,18, vermoedelijk zwart geld, dat vervolgens op de bankrekening van haar opa werd gestort. Dit bedrag werd grotendeels besteed aan luxe goederen en contante opnamen.
De verdediging stelde dat een deel van het geld aan derden was betaald, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank nam daarom de berekening uit het rapport over en legde veroordeelde de verplichting op tot betaling van het volledige bedrag aan de Staat. De beslissing werd uitgesproken in een openbare terechtzitting op 30 april 2014.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €41.616,18 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.