ECLI:NL:RBMNE:2013:CA1609
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens meineed door valse verklaring onder ede bij rechter-commissaris
Op 29 april 2011 vond een woninginbraak plaats in Almere. Verdachte werd op 29 mei 2011 als verdachte gehoord door de politie en verklaarde toen dat medeverdachten de inbraak hadden gepleegd. Op 10 juli 2012 werd verdachte als getuige gehoord door de rechter-commissaris in Lelystad, waar hij onder ede verklaarde dat hij bij de politie niet de waarheid had gesproken en niets wist van de inbraak.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk een valse verklaring onder ede had afgelegd, waarmee hij de waarheidsvinding en rechtsgang heeft belemmerd. De verklaringen van getuigen en het politieonderzoek ondersteunden dat verdachte wel degelijk kennis had van de inbraak.
Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen, maar veroordeeld voor meineed. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 3 maanden op, met aftrek van voorarrest, en wees de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde werkstraf toe.
De rechtbank achtte geen verzachtende omstandigheden aanwezig en volgde de richtlijnen van het LOVS voor de strafoplegging. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 16 mei 2013.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 3 maanden gevangenisstraf wegens meineed.