ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5249
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E.M. Kranenbroek
- V. van Dam
- E.C.A. Bakker
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs valsheid in geschrift PGB-verantwoording
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het valselijk opmaken van verantwoordingsformulieren voor het Persoonsgebonden Budget (PGB) in de periode van januari 2009 tot oktober 2010.
De officier van justitie stelde dat verdachte samen met een medeverdachte de formulieren valselijk had ingevuld, terwijl de verdediging betoogde dat verdachte geen oogmerk had om te frauderen en dat de zorg daadwerkelijk was verleend. Uit verklaringen van verdachte, medeverdachte en een derde bleek dat zorg was verleend, maar niet in de volledige omvang van het toegekende budget.
De rechtbank oordeelde dat een substantieel deel van het toegekende bedrag niet aan zorg was besteed, maar dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte valsheid in geschrift had gepleegd door onjuiste invulling van de formulieren. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van valsheid in geschrift.