Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
‘Dat is je verdiende loon. Als je me dood wil hebben, ben jij nu dood’, of woorden van gelijke strekking. Hij zag [slachtoffer] tegen zich aanvallen en zag bloed uit Nelsons oor komen. Vervolgens dwong [medeverdachte 1] verdachte door te rijden. Ze stopten even bij het kerkplein in Soest en reden vervolgens verder om daarna te stoppen langs een greppel/sloot. Hier trok [medeverdachte 1] [slachtoffer] uit de auto. Verdachte moest vervolgens verder rijden. Uiteindelijk parkeerde hij op aanwijzingen van [medeverdachte 1] ergens in de buurt van Hilversum zijn auto. Hoe verdachte vervolgens thuis is gekomen kan hij zich niet herinneren. Dit stuk is in de herinnering van verdachte een ‘zwart gat’. Verdachte herinnert zich pas weer het moment dat hij voor de deur van zijn woning stond met niet meer dan alleen zijn onderbroek aan. Zijn kleding moest hij aan [medeverdachte 1] geven. Eenmaal thuis belde verdachte een aantal keer naar [slachtoffer] in de hoop dat hij toch zijn telefoon zou opnemen. Ook belde hij met zijn vriendin, [medeverdachte 2]. De volgende dag is verdachte eerst nog naar zijn vriendin gegaan in verband met de paardrijles van zijn dochter. Later die ochtend heeft verdachte beslist dat hij [medeverdachte 1] aan zou geven en verdachte heeft dit ook gedaan.
‘het loopt nog een keer uit de hand of zo dat we echt tot een vechtpartij komen het loopt een keer uit de hand.’
(de rechtbank begrijpt [slachtoffer])en dat hij een aantal kwekerijen voor hem onderhield. [18]
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
9.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder 1 ten laste gelegde feit;
een gevangenisstraf van 3 (drie) jaren;