ECLI:NL:RBMNE:2013:4991
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid en uitleg splitsingsakte bij bestemmingswijziging winkelruimte naar restaurant
In deze zaak verzochten een eigenaar en een huurder van een winkelruimte binnen een appartementsrecht om vernietiging van een besluit van de Vereniging van Eigenaars (VvE) dat een bestemmingswijziging van winkelruimte naar restaurant niet toestond. De eigenaar werd niet ontvankelijk verklaard omdat het verzoek te laat was ingediend, terwijl de huurder ontvankelijk werd geacht omdat hij pas later kennis kon nemen van het besluit.
De huurder stelde dat het besluit ongeldig was vanwege niet-naleving van het huishoudelijk reglement, met name de termijn van drie weken voor de oproep tot vergadering, en dat het gebruik van de ruimte als restaurant geen bestemmingswijziging zou zijn. De VvE verweerde zich met het argument dat het splitsingsreglement, dat een termijn van acht dagen voorschrijft, voorrang heeft op het huishoudelijk reglement en dat het besluit rechtsgeldig is genomen.
De kantonrechter oordeelde dat een huurder niet gebonden is aan het huishoudelijk reglement tenzij hij zich daartoe heeft verbonden, en dat het splitsingsreglement leidend is. Verder werd geoordeeld dat een restaurant geen winkelruimte is zoals bedoeld in de splitsingsakte, ongeacht de omgevingsvergunning en het huurrecht. Het verzoek om het besluit te vernietigen werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van een wettelijke basis.
De eigenaar en huurder werden hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten van de VvE. De uitspraak benadrukt het belang van tijdige indiening van verzoeken en de hiërarchie tussen splitsingsreglement en huishoudelijk reglement bij appartementsrechten.
Uitkomst: Verzoek tot vernietiging van het VvE-besluit wordt afgewezen en eigenaar is niet ontvankelijk wegens te late indiening.