ECLI:NL:RBMID:2010:BQ0850
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen totstandkoming koopovereenkomst perceel grond wegens beperkte volmacht en ontbreken toestemming bestuur
De eisers vorderden dat de rechtbank zou verklaren dat een koopovereenkomst tot stand was gekomen tussen hen en de gedaagden over een perceel grond, en dat zij recht hadden op levering en schadevergoeding. Eisers beriepen zich op onderhandelingen met gevolmachtigden van gedaagden en stelden dat zij mochten vertrouwen op hun vertegenwoordigingsbevoegdheid.
Gedaagden voerden verweer dat geen overeenkomst was gesloten omdat essentiële voorwaarden, zoals toestemming van de besturen van Heijmans en Bouwfonds, ontbraken. Bovendien beschikten de gevolmachtigden slechts over een beperkte volmacht die geen verkoop van onroerende zaken omvatte. Het schriftelijkheidsvereiste van artikel 7:2 BW Pro werd door gedaagden aangevoerd, maar de rechtbank oordeelde dat dit artikel niet van toepassing was omdat het perceel niet als woning werd verkocht.
De rechtbank stelde vast dat de eisers onvoldoende hadden aangetoond dat gedaagden een situatie hadden laten voortbestaan die de schijn van volmacht wekte. De beperkte volmacht was publiek bekend en kon aan eisers worden tegengeworpen. Hierdoor was geen onvoorwaardelijke koopovereenkomst tot stand gekomen. De vorderingen van eisers werden afgewezen.
In reconventie vorderden gedaagden opheffing van het conservatoir beslag dat eisers hadden gelegd. De rechtbank oordeelde dat het beslag ondeugdelijk was en hief dit op. De vordering tot schadevergoeding wegens onrechtmatig beslag werd afgewezen wegens gebrek aan schadeaantoon.
Eisers werden veroordeeld in de proceskosten van de conventie, gedaagden in die van de reconventie. Het vonnis werd uitgesproken op 3 november 2010.
Uitkomst: Geen koopovereenkomst tot stand gekomen; vorderingen afgewezen en conservatoir beslag opgeheven.