ECLI:NL:RBMID:2010:BM8556
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vertrouwensbreuk na onrechtmatig gebruik verborgen camerabeelden
Partij Y was sinds 1994 werkzaam als persoonlijk begeleider bij partij X. Na klachten van familie van cliënt Z over de behandeling door partij Y, ondersteund met heimelijk gemaakte verborgen camerabeelden, werd partij Y op staande voet ontslagen. De beelden waren echter onrechtmatig verkregen omdat de werkgever niet had voldaan aan de wettelijke vereisten voor het gebruik van verborgen camera’s en deze bovendien door derden waren geplaatst.
De kantonrechter oordeelde dat het gebruik van deze beelden onrechtmatig was en niet als bewijs mocht dienen. De verklaringen van familieleden werden met terughoudendheid beoordeeld vanwege de verstoorde relatie en het ontbreken van nader onderzoek door de werkgever. Ook uit de beelden zelf bleek geen gedrag dat ontbinding rechtvaardigde.
De kantonrechter stelde vast dat de vertrouwensbreuk tussen partijen volledig aan de werkgever te wijten was en dat ontbinding van de arbeidsovereenkomst gerechtvaardigd was wegens veranderde omstandigheden. Op grond van de dienstjaren en een correctiefactor van 2 werd een vergoeding van €100.294,74 toegekend. Partij X kreeg de gelegenheid het verzoek in te trekken, bij weigering werd de arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 mei 2010 en de vergoeding toegekend.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 mei 2010 en partij Y ontvangt een bruto vergoeding van €100.294,74.