ECLI:NL:RBMID:2009:BK8464
Rechtbank Middelburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid en afwijzing vordering executieverbod na ontbinding huurovereenkomst
Eiser huurde een woning van gedaagde sub 1, waarvan de huurovereenkomst was ontbonden bij vonnis van de kantonrechter. Eiser werd veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen na betekening, zonder hoger beroep. Na diverse betalingsregelingen en instelling van bewind over zijn goederen, vorderde eiser een executieverbod tegen gedaagden.
Gedaagden stelden dat eiser niet-ontvankelijk was omdat de bewindvoerder geen formele procespartij was. De rechtbank oordeelde dat de vordering betrekking had op zaken die door de bewindvoerder behartigd moesten worden en dat eiser daardoor niet-ontvankelijk was. Daarnaast wees de rechtbank de inhoudelijke vordering af omdat geen grond bestond voor een algemeen executieverbod of schorsing van de ontruiming.
De rechtbank overwoog dat schorsing van tenuitvoerlegging alleen mogelijk is bij misbruik van bevoegdheid, juridische of feitelijke misslag, of noodtoestand bij de geëxecuteerde. Geen van deze omstandigheden was gesteld of gebleken. Ook de betalingsregeling bood geen grond voor schorsing, omdat eiser zich niet aan de voorwaarden had gehouden. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard en vordering tot executieverbod afgewezen met veroordeling in proceskosten.