ECLI:NL:RBMID:2008:BL7823

Rechtbank Middelburg

Datum uitspraak
15 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
169434
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.J.M. Klarenbeek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 111 RvArt. 3:94 lid 4 BW
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring wegens onvoldoende concretisering vordering in effectenleasezaak

In deze civiele zaak vordert Varde betaling van €14.127,78 met rente van [partij X] op grond van een vaststellingsovereenkomst, het Dexia Aanbod. De dagvaarding bevatte echter alleen algemene meerkeuzestellingen zonder concrete feiten, wat in strijd is met een goede procesorde. De kantonrechter oordeelt dat Varde de gronden van haar eis ondubbelzinnig en concreet moet uiteenzetten.

Hoewel de dagvaarding formeel nietig zou zijn, beroept [partij X] zich hier niet op en neemt zij de daarin genoemde verweren over. De kantonrechter richt zich daarom op de concrete stellingen in de repliek en het verweer van [partij X]. De vordering is gebaseerd op een door [partij X] en haar echtgenoot ondertekend Aanmeldingsformulier Dexia Aanbod, wat niet is betwist.

Varde heeft ook aangetoond dat zij de vordering van Dexia op geldige wijze heeft verkregen door cessie, hetgeen door [partij X] niet effectief is bestreden. De kantonrechter constateert echter dat onvoldoende duidelijk is welke van de drie keuzemogelijkheden van het Dexia Aanbod door [partij X] is gekozen en waarom de vordering opeisbaar is. Daarom wordt Varde verzocht dit nader te specificeren en bewijsstukken te overleggen, waarna [partij X] mag reageren. De zaak wordt aangehouden tot de rolzitting op 19 januari 2009.

Uitkomst: De kantonrechter wijst de dagvaarding af wegens onvoldoende concretisering en houdt de zaak aan voor nadere specificatie.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG
Sector kanton
170229 08-2773
Locatie Middelburg
zaak/rolnr.: 169434 / 08-2642
vonnis van de kantonrechter d.d. 15 december 2008
in de zaak van
de rechtspersoon naar Iers recht
Varde Investments (Ireland) Limited,,
gevestigd te Dublin, Ierland,
met gekozen woonplaatsen [in Nederland],
eisende partij,
verder te noemen: Varde,
gemachtigde: mr. G.J. Schras,
t e g e n :
[X],
wonende te [adres],
gedaagde partij,
verder te noemen: [partij X],
gemachtigde: mr. S.C.M. Asselbergs.
het verloop van de procedure
De procedure is als volgt verlopen:
- dagvaarding van [in] juni 2008,
- conclusies van antwoord, repliek en dupliek.
de beoordeling van de zaak
1. Varde heeft betaling gevorderd van € 14.127,78 met rente. De dagvaarding bevat weliswaar gronden voor deze eis, maar dan in de vorm van algemene meerkeuze-stellingen. Voor bijzonderheden wordt telkens verwezen naar bijlagen. Wederom in de vorm van algemene meerkeuze-stellingen worden allerlei mogelijke weren in de dagvaarding door Varde weersproken. Het is kennelijk de bedoeling van de steller van de dagvaarding dat de wederpartij en de kantonrechter uit alle algemene stellingen zelf die zullen kiezen die van toepassing zijn. Een dergelijke wijze van procederen is in strijd met een goede procesorde. Varde dient ondubbelzinnig de toepasselijke gronden voor haar eis in de dagvaarding uiteen te zetten en de daarvoor relevante feiten concreet in de dagvaarding zelf te stellen. Varde heeft dat niet gedaan.
2. Gelet op het voorgaande zou de dagvaarding nietig moeten worden verklaard, ware het niet dat [partij X] zich niet op die nietigheid heeft beroepen. [Partij X] heeft gesteld dat zij alle verweren en standpunten die in de dagvaarding worden verwoord, overneemt en tot de hare maakt. De kantonrechter volgt [partij X] hierin niet. De kantonrechter zal zich richten op hetgeen Varde bij conclusie van repliek concreet heeft gesteld en op hetgeen [partij X] voldoende concreet tot verweer naar voren heeft gebracht. Algemene stellingen in de dagvaarding die bij repliek niet zijn herhaald, worden geacht te zijn prijsgegeven. Want het is aan Varde om de gronden van haar eis behoorlijk uiteen te zetten.
3. [Partij X] heeft gesteld dat de dagvaarding nietig is, omdat daarbij door Varde niet domicilie is gekozen binnen het arrondissement van deze rechtbank. Dat verweer faalt aangezien ex art. 111 Rv Pro. woonplaats moet worden gekozen in Nederland, hetgeen Varde heeft gedaan.
4. De vordering is gebaseerd op een vaststellingsovereenkomst, genaamd Dexia Aanbod. Varde heeft met produktie 3 aangetoond dat [partij X] en haar echtgenoot [in] mei 2003 een Aanmeldingsformulier Dexia Aanbod hebben ondertekend. Die ondertekening is erkend, althans niet weersproken.
5. [Partij X] heeft gesteld dat Varde haar volledig onbekend is. Varde heeft echter met produktie 1. aangetoond dat EDR Incasso bij brief [begin] 2008 aan [partij X] heeft meegedeeld dat Varde door middel van een geregistreerde akte van cessie de vordering(en) heeft verkregen die Dexia op [partij X] heeft. [Partij X] heeft de ontvangst van deze brief erkend, althans niet weersproken. [Partij X] heeft niet, althans onvoldoende gemotiveerd weersproken dat Varde de vordering van Dexia op [partij X] heeft verkregen door middel van een geregistreerde akte van cessie. [Partij X] heeft geen gebruik gemaakt van haar recht ex art. 3:94, lid 4, BW. Gelet op een en ander is de conclusie dat de vordering op [partij X] op geldige wijze door Dexia aan Varde is overgedragen.
6. De kantonrechter acht zich niet voldoende voorgelicht over de inhoud van de gestelde vaststellingsovereenkomst. Het is bekend dat voor het Dexia Aanbod moet worden gekozen uit drie mogelijkheden: contractsverlenging, call opties of een renteloze lening. De kantonrechter verzoekt Varde om uiteen te zetten voor welke mogelijkheid door [partij X] volgens haar is gekozen, waardoor de vordering thans opeisbaar is en deze vordering te specificeren met de eindafrekening van de gekozen variant. Daarbij dienen zoveel mogelijk schriftelijke bescheiden tot bewijs te worden overgelegd. [Partij X] mag reageren.
DE BESLISSING
De kantonrechter:
verwijst deze zaak naar de rolzitting van maandag 19 januari 2009 te 10.00 uur, opdat Varde bij akte zich zal uitlaten als onder 6. overwogen en daarbij zoveel mogelijk schriftelijke bescheiden in het geding zal brengen;
heeft het voornemen om dan geen verder uitstel toe te staan;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.M. Klarenbeek, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 december 2008 in tegenwoordigheid van de griffier.