ECLI:NL:RBMID:2008:BK3782

Rechtbank Middelburg

Datum uitspraak
9 juli 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
51938 / HA ZA 06-142
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • M.C. de Regt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenvonnis over deskundigenonderzoek in geschil afwerking woning met gebreken aan kitwerk en voegen

In deze civiele zaak staat een geschil centraal over de afwerking van een woning, met name over het kitwerk en de voegen bij de kozijnen. De deskundige heeft vastgesteld dat het afkitten van de voegen niet is uitgevoerd, en dat de voegen bij diverse kozijnen te groot zijn. Tevens is onduidelijk wat de oorzaak is van het hoogteverschil tussen de badkamervloer en de parketvloer.

De gedaagde partij betwist de bevindingen van de deskundige, met name de vastgestelde waardevermindering van € 1.000,00 en de vergoeding van herstelkosten die reeds door een derde zijn uitgevoerd zonder voorafgaande ingebrekestelling. Ook is er discussie over een vermeende dubbele berekening van kosten door de eiser.

De rechtbank constateert dat het deskundigenrapport zorgvuldig tot stand is gekomen en dat beide partijen gelegenheid hebben gehad om opmerkingen te maken. Vanwege onduidelijkheden over de kostenberekening zal de rechtbank de deskundige om nadere toelichting vragen en partijen de gelegenheid geven hierop te reageren.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan en verwijst de zaak naar een rolzitting om partijen in de gelegenheid te stellen zich nader uit te laten over de bevindingen en de toelichting van de deskundige. De zaak wordt daarna vier weken aangehouden voor een reactie van de wederpartij.

Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere toelichting van de deskundige en verdere reactie van partijen.

Uitspraak

zaaknummer / rolnummer: 51938 / HA ZA 06-142
Vonnis van 9 juli 2008
in de zaak van
[eiser in conventie, verweerder in reconventie],
wonende te [adres],
eiser in conventie,
verweerder in reconventie,
procureur mr. E.H.A. Schute,
tegen
1. de vennootschap onder firma
V.O.F. TEGELZETBEDRIJF [gedaagde sub 1 in conventie, eiseres in reconventie],
gevestigd te [adres],
2. [gedaagde sub 2 in conventie, eiser in reconventie],
wonende te [adres],
3. [gedaagde sub 3 in conventie, eiser in reconventie],
wonende te [adres],
gedaagden in conventie,
eisers in reconventie,
procureur mr. M. Harte.
Partijen zullen hierna [eiser in conventie, verweerder in reconventie] en [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] genoemd worden.
De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
het tussenvonnis van 7 maart 2007
het deskundigenbericht
de conclusie na deskundigenbericht van [eiser in conventie, verweerder in reconventie]
de conclusie van antwoord na deskundigenbericht van [gedaagden in conventie, eisers in reconventie]
de akte terzake overlegging producties
de antwoordakte producties.
De verdere beoordeling
De deskundige heeft vastgesteld dat uit de twee in het geding zijnde aannemingsovereenkomsten niet is af te leiden of de voegen tegen de wanden bij het werk van [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] behoorde. Naar zijn deskundig oordeel houdt de opdracht tot het leggen van een tegelvloer ook het voegen en het afkitten in. Hij heeft vastgesteld dat het laatste niet is gebeurd. De deskundige heeft vervolgens de werkzaamheden die niet strak en/of niet volgens de eisen van goedvakmanschap zouden zijn uitgevoerd beoordeeld. Op basis van het deskundigenbericht heeft [eiser in conventie, verweerder in reconventie] zich op het standpunt gesteld dat hem toekomt een bedrag van € 4.862,82, te vermeerderen met door de ZNEB begrote kosten voor het herstel van de badkamervloer ad € 1.500,00, de kosten in verband met de aanschaf van extra tegels ad € 404,66 en de kosten van het onderzoek door de ZNEB ad € 1.203,69, in totaal € 7.971,17, te verminderen met het restant van de aanneemsom ad € 3.000,00 en derhalve € 4.971,17.
[gedaagden in conventie, eisers in reconventie] is het niet eens met de bevindingen van de deskundige. Het afkitten van de voegen is niet geoffreerd. De deskundige heeft de wanden verkeerd beoordeeld. Hij heeft voorts de door hem vastgestelde waardevermindering van € 1.000,00 niet nader onderbouwd. [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] erkent de door de deskundige op € 100,00 begrote kosten van herstel van de achterwand van het toilet en biedt aan deze kosten zelf uit te voeren. De dilatatievoeg in de veranda ligt inmiddels twee jaar en voldoet derhalve. Het meerwerk is na mondelinge opdracht uitgevoerd. Hij verzet zich tegen een waardevermindering met € 500,00 omdat de voegen bij diverse kozijnen te groot zouden zijn. De deskundige heeft niet vast kunnen stellen wat de oorzaak is van het feit dat de badkamervloer te hoog ligt ten opzichte van de parketvloer. [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] verzet zich tegen vergoeding van kosten van reeds plaatsgevonden herstel van gebreken. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] heeft over die gebreken bij de oplevering niet over geklaagd doch eerst bij brief d.d. 26 mei 2005. Zonder in gebreke te zijn gesteld en zonder de kans te hebben gekregen de gebreken zelf te herstellen heeft [eiser in conventie, verweerder in reconventie] die gebreken door een derde laten herstellen. [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] betwist dat aan [eiser in conventie, verweerder in reconventie] een bedrag toekomt van € 4.862,82. Deze stelling berust op een foutieve berekening. [eiser in conventie, verweerder in reconventie] rekent het bedrag van € 974,73 twee keer, één keer in het bedrag van € 2.814,59 en één keer in het bedrag van € 1.748,23. Verder heeft [eiser in conventie, verweerder in reconventie] in het bedrag van € 1.748,23 ook nog een bedrag van € 773,50 meegenomen voor het aftimmeren van het raam met nieuwe dagkanten in de badkamer, maar volgens de deskundige was daar geen sprake van een aan [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] toe te rekenen gebrek.
De rechtbank stelt vast dat de deskundige antwoord heeft gegeven op de door de rechtbank gestelde vragen. Uit het deskundigenrapport blijkt dat het onderzoek op de juiste wijze tot stand is gekomen, dat beide partijen zijn uitgenodigd bij het onderzoek aanwezig te zijn en om vervolgens naar aanleiding van het conceptrapport opmerkingen te maken en dat die opmerkingen en de reactie daar op van de deskundige ook in het deskundigenrapport zijn verwerkt. De stelling van [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] dat [eiser in conventie, verweerder in reconventie] het bedrag van € 974,73 twee keer heeft gerekend lijkt niet zonder grond. De deskundige refereert bij de beantwoording van vraag 2 aan een rekening van [S.] van € 1.014,59, terwijl dezelfde kosten lijken terug te komen bij de beantwoording van vraag 4, waar de deskundige opnieuw verwijst naar een rekening van [S.]. De rechtbank heeft bij de stukken naast een afrekening voor schilderwerken slechts één rekening van [S.] aangetroffen. De rechtbank zal de deskundige per brief, met een gelijktijdig afschrift aan de procureurs, om een toelichting vragen. Na de ontvangst van die toelichting zal de rechtbank partijen in de gelegenheid stellen om zich daarover nader uit te laten. Bij die gelegenheid kan [eiser in conventie, verweerder in reconventie] zich dan ook uitlaten over de stelling van [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] dat [eiser in conventie, verweerder in reconventie] haar nimmer in gebreke heeft gesteld en haar niet in de gelegenheid heeft gesteld de door derden herstelde gebreken zelf te herstellen.
De rechtbank zal iedere verdere beslissing aanhouden.
De beslissing
De rechtbank
verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 23 juli 2008 teneinde [eiser in conventie, verweerder in reconventie] in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten met betrekking tot hetgeen de rechtbank onder punt 2.3. heeft overwogen waarna de zaak vier weken zal worden aangehouden teneinde [gedaagden in conventie, eisers in reconventie] in de gelegenheid te stellen zich uit te laten;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. de Regt en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2008.