ECLI:NL:RBMID:2007:BA2918
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank bij vordering uit optieovereenkomsten en Short Term Loan Agreement
Consipio B.V. vordert betaling van aanzienlijke bedragen, waaronder $15.923.404,52, gebaseerd op een Voorovereenkomst en een Short Term Loan Agreement. Slingsby Enterprises Limited en [B.H.M.] betwisten de bevoegdheid van de rechtbank Middelburg voor de vordering van $15.923.404,52, verwijzend naar een arbitraal beding in de optieovereenkomsten die zij niet als partij zijn.
Consipio stelt dat de vordering steunt op de Voorovereenkomst, waarin geen forumkeuze is opgenomen, en dat de financiële verhouding met [B.H.M.] centraal staat. De rechtbank onderzoekt of de bevoegdheid kan worden gebaseerd op artikel 6 Rv Pro en de EEX-Verordening, waarbij wordt vastgesteld dat de rechtbank bevoegd is omdat het gaat om een geldvordering aan een in Nederland gevestigde partij.
De rechtbank concludeert dat de exceptie van onbevoegdheid door Slingsby en [B.H.M.] onterecht is voorgesteld en wijst deze af. Slingsby en [B.H.M.] worden veroordeeld in de kosten van het incident. De hoofdzaak wordt verwezen naar een latere rolzitting voor verdere behandeling van de vordering.
Uitkomst: De rechtbank wijst de exceptie van onbevoegdheid af en verklaart zich bevoegd ten aanzien van de vordering van $15.923.404,52.