ECLI:NL:RBMID:2006:BA2317
Rechtbank Middelburg
- Kort geding
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geschil over verkeersveiligheidstrainingen en planning huurovereenkomst verkeersveiligheidscentrum
NIV vorderde in kort geding dat VZH werd verboden om verkeersveiligheidstrainingen te geven, omdat deze activiteiten volgens NIV waren overgedragen aan haar krachtens overeenkomsten uit 2000. Daarnaast vorderde NIV schadevergoeding en een dwangsom. VZH betwistte het spoedeisend belang en de grondslag van de vordering, en voerde aan dat zij geen activiteiten ontplooide maar enkel onroerend goed verhuurde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het kort geding niet geschikt is om de inhoud van de overeenkomsten definitief vast te stellen. Hoewel vaststond dat de trainingen waren overgedragen aan NIV, was niet voldoende aannemelijk dat VZH deze activiteiten voortzette. Daarom werd de vordering van NIV afgewezen.
In reconventie vorderde VZH dat NIV werd veroordeeld tot het tijdig doorgeven van haar planning, zoals gebruikelijk was sinds het begin van de huurovereenkomst. De voorzieningenrechter oordeelde dat dit gebruik voortvloeit uit de contractuele relatie en dat NIV dit niet eenzijdig mocht staken. Daarom werd deze vordering toegewezen, zonder dwangsom, onder de voorwaarde dat NIV zich aan deze verplichting houdt.
NIV werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De vordering van NIV tot staking van verkeersveiligheidstrainingen wordt afgewezen; NIV wordt veroordeeld tot het tijdig doorgeven van haar planning aan VZH.