ECLI:NL:RBMID:2006:AY9572
Rechtbank Middelburg
- Kort geding
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding en verbod werkzaamheden wegens onvoldoende bewijs schending geheimhouding en concurrentiebeding
STT Liner Services vordert van haar ex-werknemer schadevergoeding en een verbod om werkzaamheden te verrichten ten behoeve van export naar Rusland en klanten te benaderen, wegens vermeende schending van geheimhoudings-, nevenwerkzaamheden- en concurrentiebeding. De arbeidsovereenkomst bevatte specifieke bepalingen over geheimhouding, verbod op nevenwerkzaamheden zonder toestemming en een concurrentiebeding voor twee weken na beëindiging.
De voorzieningenrechter oordeelt dat onvoldoende is komen vast te staan dat de ex-werknemer daadwerkelijk concurrerende activiteiten heeft verricht. Hoewel een overtreding van het geheimhoudingsbeding werd aangevoerd, was de betreffende informatie ook bekend bij de directeur van STT, die geen actie ondernam, waardoor geen schending is vastgesteld. Nevenwerkzaamheden zijn deels erkend, maar de omvang en duur zijn onvoldoende vastgesteld om boetes toe te kennen.
De vorderingen tot schadevergoeding en verbod op werkzaamheden in Zeeuwse havens en klantbenadering worden afgewezen. Tevens wordt het conservatoire beslag op de WW-uitkering van de ex-werknemer opgeheven. STT wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door voorzieningenrechter M.C. de Regt op 22 augustus 2006.
Uitkomst: Vorderingen van STT worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van schending bedingen; conservatoir beslag wordt opgeheven.