ECLI:NL:RBMID:2006:AV2293
Rechtbank Middelburg
- Raadkamer
- G.J.A. van Unnik
- R.C.M. Reinarz
- J.T. Begheyn
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor rechtspersoon in zaak vervoer gevaarlijke stoffen over binnenwateren
De rechtbank Middelburg behandelde een strafzaak tegen een samenwerkingsverband van drie rechtspersonen, betrokken bij het vervoer van gevaarlijke stoffen over de binnenwateren tussen Rotterdam en Antwerpen. De tenlastelegging betrof overtredingen van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (WVGS) en het ADNR-reglement, met name het niet naleven van veiligheidsplichten en documentatieverplichtingen.
De rechtbank oordeelde dat het samenwerkingsverband, hoewel verantwoordelijk voor de planning en organisatie van het vervoer, niet als vervoerder in de zin van het ADNR kon worden aangemerkt, omdat het fysieke vervoer werd uitgevoerd door de schippers en exploitanten van de schepen. Tevens werd vastgesteld dat de tenlastelegging onduidelijk en tegenstrijdig was voor zover deze betrekking had op het 'ten vervoer aannemen' van containers.
Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs en de onduidelijkheid in de tenlastelegging verklaarde de rechtbank het betreffende deel partieel nietig en sprak de verdachte vrij. De zaak illustreert de complexiteit van aansprakelijkheid bij vervoer van gevaarlijke stoffen binnen samenwerkingsverbanden en de noodzaak van duidelijke juridische definities.
Uitkomst: De verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en partieel nietigheid van de tenlastelegging.