ECLI:NL:RBMID:2005:AZ5268
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering derde hypotheekhouder bij verdeling netto opbrengst woning
Eiser vordert dat Leisure wordt veroordeeld tot medewerking aan de verdeling van de netto opbrengst van € 25.776,46 na verkoop van een woning, en dat deze opbrengst aan eiser wordt toegewezen als derde hypotheekhouder. De vordering is gebaseerd op een akte van schuldbekentenis met hypotheekstelling van 3 oktober 2000, waarin een geldlening van ƒ 100.000,00 (€ 45.378,02) is vastgelegd.
Leisure voert verweer en stelt dat eiser niet heeft bewezen dat de lening daadwerkelijk is verstrekt en dat de hypotheekakte niet voldoet aan de eisen van artikel 3:260 BW Pro. De rechtbank oordeelt echter dat de hypotheekakte voldoende aanduiding bevat van de vordering en dat uit de overgelegde stukken blijkt dat gelden aan de schuldenaar zijn verstrekt. De hypotheek is daarmee geldig en de vordering van eiser moet worden opgenomen in de rangregeling.
De rechtbank bepaalt dat de vordering van eiser moet worden opgenomen voor € 45.378,02 met inachtneming van zijn preferente positie als derde hypotheekhouder. Leisure wordt veroordeeld in de proceskosten. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering van eiser als derde hypotheekhouder wordt toegewezen voor € 45.378,02 met veroordeling van Leisure in de proceskosten.