ECLI:NL:RBMID:2004:AO9045
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Vordering tot schadevergoeding wegens seksueel misbruik verjaard na aangifte
Eiseres vordert vergoeding van materiële en immateriële schade wegens seksueel misbruik door haar vader en broers tussen 1977 en 1983. Zij deed op 25 november 1988 aangifte bij de politie, waarna strafrechtelijk onderzoek volgde maar de zaak werd geseponeerd. Eiseres stelde gedaagden aansprakelijk en startte een civiele procedure.
Gedaagden betwisten het misbruik en voeren verjaring aan. De rechtbank onderzoekt dit verweer eerst. Tot 1 september 1994 gold een verjaringstermijn van vijf jaar na het moment dat het slachtoffer kennis had van het misbruik. De wet wijzigde dit, maar dit geldt niet retroactief voor vorderingen die toen al verjaard waren.
De rechtbank stelt dat de verjaringstermijn aanvangt op het moment dat het slachtoffer durft te spreken over het misbruik, hier de datum van aangifte. De aangifte van 25 november 1988 is het startpunt. De verjaringstermijn van vijf jaar liep derhalve af op 25 november 1993, vóór de wetswijziging van 1994. Daarom is de vordering verjaard en wordt eiseres niet-ontvankelijk verklaard. Zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot schadevergoeding wegens seksueel misbruik wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring.