ECLI:NL:RBMAA:2012:BY8457
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst en beoordeling maximering beëindigingsvergoeding bij reorganisatie
De zaak betreft de ontbinding van de arbeidsovereenkomst tussen KPN en een werknemer van 59 jaar die boventallig is geworden door een reorganisatie. KPN bood een beëindigingsvergoeding aan op basis van het Sociaal Plan 2010, waarin een maximering van de vergoeding is opgenomen tot de leeftijd van 65 jaar. De werknemer betwistte deze maximering en stelde dat deze in strijd is met het verbod op leeftijdsdiscriminatie volgens de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid (WGBL).
De kantonrechter stelde vast dat de maximering in het sociaal plan indirect onderscheid maakt naar leeftijd, omdat oudere werknemers hierdoor een lagere vergoeding ontvangen dan jongere collega’s. Hoewel het doel van het sociaal plan legitiem is, namelijk het voorkomen dat werknemers financieel beter af zijn na ontslag dan bij voortzetting van het dienstverband, oordeelde de rechter dat het middel van maximering niet in evenredige verhouding staat tot dit doel. Dit vanwege de gevolgen van de verhoging van de AOW-leeftijd en pensioenschade voor de oudere werknemer.
De kantonrechter verklaarde het maximeringsbeding nietig en kende de werknemer een vergoeding toe conform artikel 3.2 van het Sociaal Plan 2010, zijnde € 91.014,19 bruto. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden per 1 april 2013. Tevens werd de proceskostenverdeling vastgesteld waarbij partijen hun eigen kosten dragen, tenzij KPN het verzoek intrekt.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 april 2013 en de werknemer ontvangt een beëindigingsvergoeding van € 91.014,19 bruto.