ECLI:NL:RBMAA:2012:BV6176
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.W. Oosterman
- C.M.W. Nobis
- W.F.J. Aalderink
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel door valsheid in geschriften bij islamitische basisschool
Verdachte heeft in de periode september 2003 tot en met februari 2007 valse documenten opgemaakt en gebruikt binnen de administratie van een islamitische basisschool, waaronder benoemingsakten en aanvaardingsverklaringen voor fictieve aanstellingen. Hiermee heeft hij en zijn echtgenote onterecht salaris ontvangen.
De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat op €116.056,27, gebaseerd op bankafschriften en bekentenissen van verdachte. Verdachte stelde dat het geld is geïnvesteerd in leerlingenvervoer, maar kon dit niet aantonen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte het bedrag wederrechtelijk heeft verkregen en legde hem de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen. De beslissing werd genomen na behandeling van de zaak op 14 september 2011 en 31 januari 2012, met inachtneming van hoor en wederhoor.
Uitkomst: Verdachte is verplicht tot betaling van €116.056,27 aan de staat wegens wederrechtelijk verkregen voordeel.