ECLI:NL:RBMAA:2011:BW8483
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Overgang van onderneming in schoonmaaksector met behoud van arbeidsvoorwaarden en dienstverband
In deze zaak staat de overgang van een onderdeel van de onderneming in de schoonmaaksector centraal, waarbij glasbewassingsprojecten van CSU aan Reico en vervolgens aan Stubbe zijn overgedragen. Eisers, werknemers die deze projecten uitvoerden, vorderen betaling van achterstallig salaris en toelating tot hun functies bij Stubbe onder behoud van arbeidsvoorwaarden.
De rechtbank stelt vast dat het glasbewassingsonderdeel een economische eenheid vormt en dat de identiteit van de onderneming behouden is gebleven bij de overdracht aan Reico en vervolgens Stubbe. Dit betekent dat er sprake is van overgang van onderneming conform artikel 7:662 BW Pro en de Richtlijn 2001/23/EG, met als gevolg dat de rechten en plichten uit de arbeidsovereenkomsten overgaan op de nieuwe werkgever.
Stubbe betwist de overgang en beroept zich op beperkte overdracht van projecten en het ontbreken van exclusiviteit, maar de rechtbank oordeelt dat dit niet afdoet aan de overgang van onderneming. Ook de arbeidsongeschikte werknemer [eiser 4] valt onder de bescherming en moet worden overgenomen. De arbeidsovereenkomst van deze werknemer is niet rechtsgeldig geëindigd en de tijdelijke aard van zijn arbeidsongeschiktheid sluit overgang niet uit.
De rechtbank veroordeelt Stubbe tot betaling van achterstallig salaris, het toelaten van eisers tot hun functies binnen twee weken, en wijst de vorderingen toe onder toepassing van de wet en CAO. De kosten van de procedure worden Stubbe opgelegd, terwijl CSU en Reico hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Stubbe is gehouden de werknemers onder behoud van arbeidsvoorwaarden over te nemen en achterstallig salaris te betalen.