ECLI:NL:RBMAA:2011:BV3505
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid
Op 16 juni 2011 viel verdachte het slachtoffer meermalen aan door hem tegen het hoofd te stompen, te slaan en met geschoeide voet te schoppen, ook toen het slachtoffer al weerloos op de grond lag. Verdachte voerde noodweer aan, maar dit werd verworpen omdat er geen onmiddellijk dreigend gevaar was.
Een gedragsdeskundige stelde vast dat verdachte leed aan een ziekelijke stoornis en verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte met opzet het leven van het slachtoffer wilde beroven, maar het misdrijf niet voltooide. Het bewijs bestond uit verklaringen, camerabeelden en het psychologisch rapport.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met reclasseringstoezicht. Tevens werd een voorschot van €600 aan immateriële schade aan het slachtoffer toegekend. De rechtbank wees de overige schadevordering af wegens onvoldoende onderbouwing en verwees die naar de civiele rechter.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, voor poging tot doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid.