ECLI:NL:RBMAA:2011:BQ6111
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verlenging contractuele vervaltermijn bij Europese aanbesteding toegestaan
In deze zaak stond de vraag centraal of de vervaltermijn van 15 dagen, zoals opgenomen in het bestek van een Europese aanbesteding voor werknemersvervoer, verlengd kon worden. Licom had de termijn verlengd om bezwaren van een afgewezen inschrijver, Munckhof, weg te nemen en zo een kort geding te voorkomen. Munckhof maakte binnen de verlengde termijn alsnog een kort geding aanhangig.
SVL, de voorlopig gegunde partij, stelde dat verlenging van de vervaltermijn niet mogelijk was en dat deze verlenging in strijd was met het gelijkheidsbeginsel, het transparantiebeginsel, de precontractuele goede trouw en de redelijkheid en billijkheid. De voorzieningenrechter oordeelde dat het hier ging om een contractuele vervaltermijn die in principe verlengd kan worden, afhankelijk van de afspraken tussen partijen.
De rechtbank vond geen aanwijzingen dat de verlenging in strijd was met het gelijkheidsbeginsel, omdat er geen andere klagende inschrijvers waren die benadeeld werden. Ook het transparantiebeginsel en andere genoemde beginselen stonden verlenging niet in de weg, zeker omdat de verlenging beperkt was, SVL direct op de hoogte werd gesteld en de verlenging bedoeld was om een procedure te voorkomen. De vorderingen van SVL werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van SVL werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.