ECLI:NL:RBMAA:2011:BQ5681
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing verbod weekmarkt Laurastraat wegens onvoldoende veiligheidsgrondslag
De burgemeester van Kerkrade verbood op 7 januari 2011 het opstellen van marktkramen en het houden van de weekmarkt in een deel van de Laurastraat vanwege vermeende onbereikbaarheid voor brandweer en gevaarlijke situaties. Dit besluit was gebaseerd op een brandweerrapport van een schouw op 18 december 2010. Het college wijzigde daarop de marktlocatie per 8 januari 2011 zonder de marktcommissie te horen, vanwege vermeende spoedeisendheid.
Verzoekers, marktkooplieden, stelden met een rapport van een veiligheidsdeskundige dat er geen onveilige situatie bestond en vroegen schorsing van de besluiten. De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een concrete, direct dreigende bedreiging van veiligheid of gezondheid, mede omdat de situatie niet was veranderd ten opzichte van voorgaande jaren en eerdere aanwijzingen voor problemen niet tot een verbod hadden geleid.
Ook het college had de procedurele regels geschonden door de marktcommissie niet te horen en de spoedeisendheid zelf te creëren. Daarom werden zowel het besluit van de burgemeester als dat van het college geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Verzoekers kregen deels gelijk, maar verzoeken tot verplaatsing van lantaarnpalen, bomen en parkeerterreinen werden afgewezen omdat deze buiten het kader van de voorlopige voorziening vielen.
Uitkomst: De besluiten van burgemeester en college worden geschorst wegens onvoldoende aannemelijkheid van een direct dreigend veiligheidsrisico en procedurele tekortkomingen.