ECLI:NL:RBMAA:2011:BQ0220
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot vergoeding mutatieschade na huurwoning door verhuurder afgewezen wegens onvoldoende specificatie
Woonpunt verhuurde een woning aan de huurder tot december 2005. Na het einde van de huurovereenkomst stelde Woonpunt dat de woning in slechte staat was achtergelaten, waardoor herstelkosten van €17.390,07 ontstonden. Woonpunt vorderde deze kosten, vermeerderd met buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente.
De huurder betwistte de vordering en stelde dat de woning deugdelijk was opgeleverd en dat de kosten niet aantoonbaar verband hielden met achterstallig onderhoud. De rechtbank constateerde dat er geen gezamenlijke inspectie bij het einde van de huur had plaatsgevonden, waardoor Woonpunt de gebreken en kosten moest bewijzen.
De rechtbank oordeelde dat Woonpunt onvoldoende had gespecificeerd welke herstelkosten daadwerkelijk voor rekening van de huurder kwamen, mede omdat sommige gebreken normale slijtage betroffen. Daarom werd Woonpunt in de gelegenheid gesteld een gespecificeerde opgave te doen, waarna de huurder kon reageren. De beslissing werd aangehouden tot nadere specificatie.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en stelt Woonpunt in de gelegenheid een gespecificeerde opgave van herstelkosten te verstrekken.