ECLI:NL:RBMAA:2010:BO9519
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.C. Oosterman-Meulenbeld
- Rechtspraak.nl
Toewijzing loonvordering na onterecht ontslag op staande voet wegens vermeende werkweigering
Eiseres was sinds 1 juli 2010 werkzaam als kok bij gedaagde op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd tot 1 juli 2011. Op 28 oktober 2010 werd zij op staande voet ontslagen wegens vermeende werkweigering en grove belediging, hetgeen zij ontkende. Eiseres stelde dat de woordenwisseling ontstond door onveilige en ongeschikte arbeidsomstandigheden en dat zij overspannen raakte, wat door een huisarts werd bevestigd.
Na het ontslag heeft eiseres haar loon vanaf 28 oktober 2010 niet meer ontvangen en vorderde zij in kort geding loondoorbetaling tot het rechtsgeldige einde van de arbeidsovereenkomst. Gedaagde voerde verweer en erkende de woordenwisseling, maar stelde dat het ontslag gerechtvaardigd was vanwege disfunctioneren en dat hij geen geld had voor loonbetaling.
De kantonrechter oordeelde dat het spoedeisend belang van eiseres aannemelijk was en dat het ontslag op staande voet waarschijnlijk geen stand zal houden in een bodemprocedure, mede omdat gedaagde geen schriftelijke waarschuwing had gegeven en de gevolgen daarvan niet had meegedeeld, wat niet getuigt van goed werkgeverschap. Ook was onvoldoende onderbouwd dat gedaagde financieel niet in staat was tot loonbetaling.
Daarom werd gedaagde veroordeeld tot betaling van het loon vanaf 28 oktober 2010 tot het rechtsgeldige einde van de arbeidsovereenkomst, vermeerderd met wettelijke rente en een wettelijke verhoging over november 2010. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van loon vanaf 28 oktober 2010 tot het rechtsgeldige einde van de arbeidsovereenkomst.