ECLI:NL:RBMAA:2010:BO8081
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging doodslag en veroordeling voor mishandeling bij keelgreep
Op 2 mei 2010 heeft verdachte het slachtoffer mishandeld door haar met beide handen bij de keel vast te pakken en dicht te knijpen, waardoor zij letsel en pijn heeft ondervonden. De rechtbank achtte niet bewezen dat verdachte het slachtoffer met het opzet heeft geprobeerd te doden of zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, waardoor hij werd vrijgesproken van poging tot doodslag en poging tot zware mishandeling.
De bewijsvoering bestond uit de verklaring van een getuige die zag hoe verdachte het slachtoffer bij de keel vasthield, de aangifte van het slachtoffer zelf, en een forensisch geneeskundige die letsel passend bij een keelgreep vaststelde. De verdediging voerde aan dat het letsel ook op andere wijze kon zijn ontstaan en betwijfelde de getuigenverklaring, maar de rechtbank verwierp deze argumenten.
Psychiatrisch onderzoek toonde aan dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar was, mede door een narcistische persoonlijkheidsstoornis en misbruik van alcohol. De rechtbank hield rekening met deze omstandigheden en het feit dat verdachte geen eerdere strafbare feiten had.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van zeven maanden op, waarvan twee maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot het betalen van een voorschot op schadevergoeding aan het slachtoffer voor materiële en immateriële schade. Verdachte werd vrijgesproken van de zwaardere tenlasteleggingen wegens gebrek aan bewijs van opzet tot doodslag of zwaar lichamelijk letsel.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van poging tot doodslag en zware mishandeling, maar veroordeeld voor mishandeling met zeven maanden gevangenisstraf waarvan twee voorwaardelijk en een gedeeltelijke schadevergoeding.