ECLI:NL:RBMAA:2010:BN9219
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig onderscheid in meerurenregeling wegens langdurige ziekte
Eiser was sinds 2002 in dienst met een voltijdcontract en werkte structureel meer dan 36 uur per week. Tijdens ziekteperiodes, waaronder een langdurige periode vanaf december 2007 wegens burn-out en reumatische artritis, kreeg hij aanvankelijk zijn meerurentoeslag doorbetaald. Vanaf 1 januari 2009 werd deze toeslag echter niet meer toegekend, met als enige reden zijn langdurige ziekte.
Eiser stelde dat deze handelwijze in strijd is met de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) en artikel 7:648 BW Pro, omdat het onderscheid direct verband hield met zijn handicap en niet was gerechtvaardigd. Gedaagde verweerde zich met verwijzing naar de CAO en het tijdelijke karakter van de meerurenregeling, en stelde dat de urenuitbreiding was beëindigd volgens de geldende afspraken.
De rechtbank oordeelde dat de meerurenregeling geen vast onderdeel van de arbeidsovereenkomst was geworden en dat het onderscheid op grond van ziekte een direct onderscheid in de zin van de WGBH/CZ vormde. Omdat gedaagde geen van de uitzonderingen uit artikel 3 lid 1 WGBH Pro/CZ had aangevoerd, werd het onderscheid als onrechtmatig beoordeeld. De beslissing om de meerurenregeling niet te verlengen wegens ziekte werd nietig verklaard en gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de meerurentoeslag met wettelijke verhoging.
Uitkomst: Werkgever is veroordeeld tot betaling van meerurentoeslag en wettelijke verhoging wegens onrechtmatig onderscheid bij langdurige ziekte.