ECLI:NL:RBMAA:2010:BN4818
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.B. Bax
- G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe
- R.H.J.G. Borger
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige staandehouding en bewijsuitsluiting bij drugszaak
Op 12 januari 2010 werd een woninginbraak gemeld aan de [K-straat] te Kerkrade. Op basis van een vaag signalement werden verdachte en zijn medeverdachte staande gehouden in de nabijheid van de plaats delict. De politie voerde een onderzoek aan de kleding uit, waarbij bij de medeverdachte verdovende middelen werden aangetroffen. Dit leidde tot een doorzoeking van een woning aan de [S-straat], waar een aanzienlijke hoeveelheid drugs werd gevonden.
De rechtbank oordeelde dat het signalement onvoldoende specifiek was om een redelijk vermoeden van schuld te rechtvaardigen, waardoor de staandehouding onrechtmatig was. Ook het kledingonderzoek was onrechtmatig, omdat het niet op een besloten plaats plaatsvond en er geen ernstige bezwaren waren. Dit vormverzuim is onherstelbaar volgens artikel 359a Sv.
Gezien het directe verband tussen het onrechtmatige kledingonderzoek en de daaropvolgende doorzoeking, werden de gevonden verdovende middelen uitgesloten als bewijs. Hierdoor was onvoldoende bewijs over om verdachte te veroordelen voor het bezit van heroïne en cocaïne. De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige staandehouding en bewijsuitsluiting.