ECLI:NL:RBMAA:2010:BL3126
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.A.F. Coenegracht
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering wegens ontbreken betrekken beschermingsbewindvoerder
Intrum Justitia vorderde betaling van openstaande facturen van [gedaagde] voortvloeiend uit een telecomovereenkomst, die zij van Vodafone had overgenomen. [gedaagde] voerde verweer dat haar goederen onder beschermingsbewind stonden en dat de bewindvoerder als formele procespartij had moeten worden betrokken.
De rechtbank stelde vast dat op 19 november 2007 bewind was ingesteld over alle goederen van [gedaagde], en dat Intrum Justitia en haar gemachtigde hiervan op de hoogte waren, mede omdat de gemachtigde ook eerder als bewindvoerder had opgetreden. Hierdoor had Intrum Justitia de bewindvoerder in rechte moeten betrekken.
Omdat Intrum Justitia dit had nagelaten, werd zij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering en veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De overige inhoudelijke verweren behoefden geen bespreking meer.
Uitkomst: Intrum Justitia wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet betrekken van de beschermingsbewindvoerder en veroordeeld tot betaling van proceskosten.