ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ4377
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P. Kistemaker-van Blaricum
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming bedrijfspand met veroordeling tot betaling huur en boetes
In deze zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst en de ontruiming van een bedrijfspand centraal. De huurovereenkomst was schriftelijk vastgelegd voor een periode van tien maanden, ingaande 1 augustus 2008 en eindigend op 30 mei 2009. De verhuurder vorderde ontbinding van de huurovereenkomst, betaling van achterstallige huur, verbeurde boetes wegens niet-betaling van de waarborgsom, gebruikersvergoeding en buitengerechtelijke incassokosten.
De huurder stelde dat hij vanaf 4 september 2008 geen huur meer verschuldigd was op grond van een koopovereenkomst van het pand. Dit verweer werd door de kantonrechter als ongeloofwaardig en innerlijk tegenstrijdig beoordeeld, mede vanwege tegenstrijdige verklaringen en het ontbreken van bewijs van een geldige koopovereenkomst. De kantonrechter oordeelde dat de huurovereenkomst op 30 mei 2009 was geëindigd en wees de vordering tot ontbinding af.
De huurder verbleef echter na deze datum nog in het pand zonder huur te betalen, waardoor de kantonrechter de vordering tot ontruiming en betaling van huur en boetes toewijst. Tevens werden buitengerechtelijke incassokosten toegewezen. De vorderingen van de huurder in reconventie, waaronder onverschuldigde betaling en schadevergoeding, werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De kantonrechter veroordeelde de huurder tot betaling van de gevorderde bedragen en tot ontruiming binnen twee weken, met machtiging tot ontruiming met behulp van de sterke arm.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot betaling van huurachterstand, boetes, incassokosten en ontruiming van het pand binnen twee weken.