ECLI:NL:RBMAA:2007:BB1449
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- Casparie
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot medewerking aan aanmelding kind bijzonder onderwijs ondanks meningsverschil ouders
Partijen zijn gescheiden ouders van twee kinderen, waarvan de oudste, [M.], een autisme spectrum stoornis heeft. De moeder wil dat [M.] wordt aangemeld voor een school voor bijzonder onderwijs, terwijl de vader dit niet noodzakelijk acht en wil dat [M.] op de huidige reguliere school blijft met extra begeleiding.
De Commissie voor de Indicatiestelling heeft positief beschikt op de aanvraag voor een leerlinggebonden budget of toelating tot het speciaal onderwijs voor [M.], met een uiterste aanmelddatum van 13 augustus 2007. De ouders zijn het niet eens over de schoolkeuze, waarbij de vader het belang van het kind anders inschat dan de moeder.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het belang van het kind bij plaatsing op de bijzondere school zwaarder weegt, mede gelet op de deskundige rapporten en de noodzaak van intensieve begeleiding die de reguliere school niet kan bieden. De primaire vordering om het vonnis in de plaats te laten treden van de toestemming van de vader wordt afgewezen, maar subsidiair wordt de vader veroordeeld om binnen twee dagen mee te werken aan de aanmelding, onder verbeurte van een dwangsom van €1.000 per dag, met een maximum van €10.000.
De kosten van de procedure worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vader wordt veroordeeld tot medewerking aan de aanmelding van het kind voor bijzonder onderwijs binnen twee dagen onder verbeurte van een dwangsom.