ECLI:NL:RBMAA:2006:AY4324
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.G.M. Jansberg
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over intrekking Ziektewetuitkering wegens niet tijdig tonen identiteitsbewijs
Eiser meldde zich op 9 mei 2005 ziek en werd op 12 mei 2005 opgeroepen voor een spreekuur bij de verzekeringsarts. Tijdens dit spreekuur kon eiser geen geldig identiteitsbewijs tonen. Verweerder stelde eiser in de gelegenheid om uiterlijk 19 mei 2005 alsnog een geldig identiteitsbewijs te tonen. Eiser meldde zich op 17 mei 2005 hersteld, maar verweerder trok op 31 mei 2005 de Ziektewetuitkering in wegens het niet voldoen aan de identificatieplicht.
Eiser maakte bezwaar tegen dit besluit, stellende dat hij op 20 mei 2005 alsnog zijn paspoort had opgehaald en aan de verplichting had voldaan. Verweerder handhaafde het besluit op 14 juli 2005. In het beroep bij de rechtbank werd onderzocht of de termijn van 19 mei 2005 redelijk was, gelet op de levertijd van identiteitskaarten bij de gemeente Maastricht. De rechtbank oordeelde dat de termijn niet redelijk was omdat de levertijd vijf werkdagen bedroeg en eiser direct op 12 mei 2005 een aanvraag had gedaan.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende onderzoek had verricht naar de redelijkheid van de termijn en dat eiser niet tijdig kon voldoen aan de verplichting. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De rechtbank droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de Ziektewetuitkering wordt vernietigd.