ECLI:NL:RBMAA:2005:AU3847
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.J.M. Bruijnzeels
- Rechtspraak.nl
Nietigheid aandelenleaseovereenkomsten wegens strijd met de Wet op het consumentenkrediet
Op 21 juni 2000 sloot de eiseres twee aandelenleaseovereenkomsten met de rechtsvoorgangster van Dexia, waarbij zij aandelen leaste met een looptijd van 36 maanden. Na afloop van de looptijd ontstond een restschuld waarvoor Dexia betaling vorderde. De eiseres stelde dat zij de overeenkomsten buitengerechtelijk had vernietigd en dat deze nietig waren wegens strijd met de Wet op het consumentenkrediet (Wck).
De rechtbank oordeelde dat de overeenkomsten kwalificeren als huurkoopovereenkomsten en dat Dexia aansprakelijk is voor gedragingen van de tussenpersoon die bij de totstandkoming betrokken was. De aandelenleaseproducten vallen onder de reikwijdte van de Wck, die consumenten beschermt tegen onduidelijke kredietinformatie. Dexia beschikte niet over de vereiste vergunning volgens artikel 9 Wck Pro, waardoor de overeenkomsten nietig zijn.
De rechtbank veroordeelde Dexia tot terugbetaling van betaalde termijnen, maar hield rekening met de waarde van de geleverde aandelen en de door de eiseres verleende toestemming tot verkoop. De vorderingen van Dexia werden afgewezen, terwijl de vorderingen van de eiseres in reconventie gedeeltelijk werden toegewezen. Proceskosten werden deels toegewezen aan de eiseres en deels gecompenseerd.
Uitkomst: De aandelenleaseovereenkomsten worden nietig verklaard wegens strijd met de Wck en de vorderingen van Dexia worden afgewezen.