ECLI:NL:RBMAA:2005:AT5239
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.N.F. Sleddens
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens onvolledige cessie van vordering op gemeente
Eiseres stelde in de periode van 1 juli 1997 tot 25 juli 2000 inkomstenschade te hebben geleden doordat zij geen rommel- en snuffelmarkten kon organiseren op haar terrein. Verweerder, de gemeente Landgraaf, besloot dat er geen aantoonbare inkomensschade was. Eiseres stelde beroep in tegen dit besluit.
Tijdens de procedure werd een cessie van de vordering van eiseres op de gemeente aan [eiser] Beheer overeengekomen. De rechtbank onderzocht of deze cessie rechtsgeldig was medegedeeld aan de gemeente, wat een vereiste is voor de overdracht van rechten. De mededeling vond plaats op 6 mei 2004, na de aandelenoverdracht van eiseres aan Megaland Beheer op 26 februari 2004.
De rechtbank oordeelde dat op het moment van aandelenoverdracht eiseres nog rechthebbende was van de vordering omdat de cessie nog niet was medegedeeld. Hierdoor was het beroep niet-ontvankelijk omdat de juiste belanghebbende niet had gehandeld. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 8:70 van Pro de Awb.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de cessie van de vordering niet tijdig aan de gemeente is medegedeeld.