ECLI:NL:RBMAA:2004:AR4661
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- I. Becker-Hartenhof
- R.C.A.M. Philippart
- F.M. van Maanen Winters
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor poging afpersing met dodelijke afloop en drugshandel
De rechtbank Maastricht heeft op 27 oktober 2004 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een minderjarige verdachte die samen met anderen een 77-jarige man probeerde te dwingen tot afgifte van zijn bankpas en pincode. Tijdens deze poging ontstond een worsteling waarbij het slachtoffer door messteken van een medeverdachte om het leven kwam. De verdachte werd tevens verdacht van diefstal, bezit van heroïne en cocaïne, en opzetheling van een gestolen motor.
De rechtbank oordeelde dat een verklaring van de verdachte tijdens het politieverhoor niet aan het bewijs kon worden toegevoegd vanwege schending van artikel 29 van Pro het Wetboek van Strafvordering, omdat het verhoor lang en intimiderend was, terwijl de verdachte zijn zwijgrecht wilde uitoefenen. De rechtbank sprak de verdachte vrij van de diefstal, maar achtte wettig en overtuigend bewezen dat hij betrokken was bij de poging tot afpersing met dodelijke afloop, het bezit van drugs, en opzetheling.
Psychologisch onderzoek toonde aan dat de geestelijke ontwikkeling van de verdachte licht verminderd was, wat in de strafoplegging werd meegewogen. De rechtbank veroordeelde de verdachte tot 15 maanden jeugddetentie, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en legde bijzondere voorwaarden op waaronder begeleiding door de Jeugdreclassering en therapeutische hulpverlening. Tevens werd een schadevergoeding van €3.501,25 aan de nabestaande van het slachtoffer toegewezen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 15 maanden jeugddetentie, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, wegens poging tot afpersing met dodelijke afloop, drugshandel en opzetheling.